Balat krijgt zijn Paradise Lost
- 3 min.
- Art & Design
Alphonse Balat, de architect van de koning, krijgt zijn eigen 'Paradise Lost'
Vanaf 5 september duikt de Plantentuin Meise, op een boogscheut van Brussel, een hele herfst lang onder in het universum van Alphonse Balat. Deze negentiende-eeuwse architect bouwde de Koninklijke Serres van Laken en wees zijn jonge medewerker Victor Horta de weg naar de art nouveau.
Onder de titel Paradise Lost? 200 jaar visie op natuur en architectuur worden zijn iconische kassen het decor voor een tentoonstelling over glas, ijzer en onze kijk op natuur – met een verlengstuk in Kortrijk, op ruim een uur treinen van Brussel.
Architect van adel en koning
Balat werd in 1818 geboren in het Naamse Gochenée en studeerde architectuur aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen. Hij begon zijn carrière als classicist, maar de opkomst van nieuwe bouwmaterialen als ijzer en glas dwong hem zijn stijl radicaal bij te sturen. Als architect van koning Leopold II tekende hij onder meer de Koninklijke Serres van Laken (1874-1890), het eerste Paleis voor Schone Kunsten in Brussel – het latere Bozar-gebouw aan de Regentschapsstraat – en delen van het Koninklijk Paleis, waaronder de Troonzaal en de Grote Trap.
Minstens even belangrijk is wie bij hem in de leer ging. De jonge Victor Horta werkte enkele jaren als medewerker van Balat, voor hij met diezelfde combinatie van ijzer, glas en plantmotieven de art nouveau uitvond. Balat bouwde zo, zonder het zelf te weten, mee aan het begin van een stijl die Brussel wereldberoemd zou maken. Hij stierf in 1895 in Elsene, 76 jaar oud.
Drie serres vol geschiedenis
De tentoonstelling verspreidt zich over drie historische serres van de Plantentuin: het Frankliniapaviljoen (de Groene Ark), de Citrus Oranjerie en de Balatkas zelf, ook bekend als de Kroonserre.
Balat ontwierp zijn sierlijke kas van glas en staal in 1854. Het geldt als een van de oudste kassen van dit materiaal in België. Het ontwerp diende voor Balat als een technische en esthetische vingeroefening voor zijn absolute meesterwerk: de monumentale Koninklijke Serres van Laken. Deze serre werd oorspronkelijk niet voor Meise gebouwd, maar voor de Brusselse dierentuin in het Leopoldpark. Balat ontwierp ze om de destijds net ontdekte reuzenwaterlelie (Victoria amazonica) in te kunnen kweken en tentoon te stellen. Na omzwervingen via de Brusselse Kruidtuin verhuisde de historische kas uiteindelijk naar de Plantentuin Meise, waar hij na een grondige restauratie nog altijd te bewonderen is. De Balatkas is zo iconisch voor de geschiedenis van de Belgische plantenwetenschap en architectuur, dat de sierlijke vorm ervan verwerkt is in het officiële logo van de Plantentuin Meise.
De tentoonstelling is verder in drie delen opgebouwd. De Glasrevolutie schetst hoe de combinatie van ijzer en glas vanaf 1825 de kasarchitectuur op zijn kop zette, met Balat als een van de grote vernieuwers. In Ode aan de wintertuin laten drie hedendaagse kunstenaars – striptekenaar François Schuiten, kunstenaar Hans Soenen en architect-tekenaar Piet Bekaert – zich inspireren door datzelfde universum van glas, licht en plantengroei. Building the Future trekt de vraag door naar vandaag: hoe kijken hedendaagse architecten aan tegen de relatie tussen natuur en bouwkunst?
Van vlak voor de deur van Brussel tot Kortrijk
De Plantentuin Meise draagt niet toevallig de ondertitel 'Botanische Tuin Brussel'. Tot 1939 lag ze middenin de stad, in de Kruidtuin, het gebouw dat vandaag cultuurcentrum Le Botanique herbergt, waarna ze verhuisde naar het kasteeldomein van Bouchout in Meise, op een paar kilometer ten noorden van de hoofdstad. Paradise Lost? loopt van 5 september tot en met 25 oktober.
Wie na Meise nog niet uitgekeken is op Balats werelderfgoed, kan doorreizen naar Kortrijk. Daar loopt van 12 september tot 8 november, bij Galerie Art and Design Productions, de parallelle tentoonstelling Inspired By – Alphonse Balat. Meer dan 35 werken van diezelfde Schuiten, Soenen en Bekaert, staan hier tentoon, ditmaal in monumentale tekeningen en schilderijen waarin architectuur balanceert tussen constructie en landschap. Het is de allereerste keer dat de drie kunstenaars samen exposeren rond Balats architecturale universum.
Meer info over de tentoonstelling in Meise vind je bij Plantentuin Meise, over het Kortrijkse luik bij Art and Design Productions.